Singajo's world

De lachende zwijntjes

Posted in Heimwee, Uncategorized by singajo on woensdag, 27 augustus, 2008

 

Ze zegt me dat die zwijntjes niet lachten toen ze de foto maakte, “Ze schreeuwden het uit van angst! Amai die beesten kunnen nogal te keer gaan. Heb je al ooit een zwijn horen janken?”

Heb ik. Een slachtensklare zeug. Met het mes op de keel.

Ik zeg haar dat die zwijntjes wel lachen, omdat dat kietelt, zo een mensenhand. En omdat zij de vrouw die de zwijntjes vasthoudt in haar onnavolgbare stijl enthousiasmeert  voor op de foto. 

Zij doet me ook lachen, telkens ik haar hoor of zie. Ik mis mijn vriendin soms heel hard. Zo hard dat ik er niet van kan slapen. Dan sta ik op in het holst van de nacht en skype ik haar. Dan lachen we om de zwijntjes en vertellen we mannenpraat. Dan laat ze me haar nieuwe jurken zien en bespreken we de gemoedstoestand van onze gemeenschappelijke schrijversvriend met zijn proper kapsel. Onze eigen gemoedstoestand. Dan zwijgen we soms een poosje omdat er ondanks dat videobeeld een groot gemis is.

En toch, als ik haar gezien heb, keert de rust weder, val ik met een glimlach on my face in slaap. 

Lachende of huilende zwijntjes? ’t Doet er niet toe. Maar haar zie ik doodgraag. Dat wel.

Tagged with: , ,

Skypen met ma en pa

Posted in Skype by singajo on donderdag, 29 mei, 2008

Mams is niet zo vertrouwd met computers. En ze slaat altijd in paniek als de pc vraagt of ze de verbinding moet verbreken of behouden. “Jef! Jef!”, roept ze dan naar mijn vader, “dat ding wil hier iets van mij.” En dan zie ik pa verschijnen met een pet op zijn hoofd. Hij sleurt dan de koptelefoon van moeders hoofd en zegt tegen mij:”doki gij schrijft geen Nederlands maar Vlaams. En het is geen stoefertje maar een lefdoekje. En let vooral op de stamtijden van slaan en slagen! Jaaa Paaaa.” En dan gaat hij er vandoor en dan vraagt ma hoe warm het hier is en dan zegt ze dat het in Dubai veel warmer is, 42 graden, en dat weet ze omdat de dochter van de buren daar woont en de buurman iedere ochtend een “druppeltje” komt drinken en ze dan samen babbelen over hun ‘kinders’ in het buitenland.

Moeder vond vandaag dat ik toch wel eens iets aan mijn haren zou moeten doen want dat het weinig gepast is om op mijn leeftijd (!) nog van dat lange wilde haar te dragen. Liever zou ze mij zien met een deftig coupe carréke en ze heeft alweer gepoogd om mij te overtuigen van de kwaliteiten van zo’n net kapsel maar ze is daar tot haar groot gezucht niet in geslaagd. En dan verschijnt pa weer in beeld met een megagrote en blitse zonnebril op zijn hoofd en dan roept hij: “Wa vind ge van mijnen windbril ? Sympie heeft hem meegebracht uit New York!” En dan zeg ik dat hij er uitziet als een ruige rockster en dan kijkt hij als een fiere gieter en dan zegt mijn moeder streng: “Jef doe dat gevaarte van uw hoofd. Ik ben daar helemaal niet wild van.” En dan doet pa die bril af en dan zie ik dat hij nog een andere zonnebril onder die ene aangeeft en dan vraag ik: “waar is dat nu voor nodig?” En dan zegt mijn moeder: “voor de show.” Mijn vader verdwijnt dan weer en dan vertelt moeder over Poes, haar gedrilde kat, en dat die poes nu op dieet is en dat ze maar 1 portie regimekorrels per dag krijgt en dat ze al veel vermagerd is, doch nu last heeft van veel te veel  uitgerokken buikvel dat haast over de vloer sliert als poes zich verplaatst. Dan komt pa weer binnen en dan vraagt hij of ik het “verdriet van Belgie” al heb gelezen en dat hij denkt dat dit geen boek is voor mensen jonger dan vijftig maar dat het wel goed is en dat hij vandaag het gras zal afrijden want dat het er het weer voor is.  En dan valt opeens het beeld uit in Lembeke en dan schreeuwt mijn moeder:’Jef! Jef! Ze is weg. Waar is ze? Hallo Hallo? IK zie niets! Jef! Jef! Ze is weg.” En dan zie ik wel hoe mijn vader aan de computer staat te prutsen en vloekt terwijl mijn moeder bijna met haar neus in het scherm plakt en het beeld weer aanschiet en ze opgelucht en enthousiast roept: ”Aha! Daar ben je weer, we waren u kwijt.”

Vader zie ik op de achtergrond in zijn bibliotheek neuzen maar hij is niet op zoek naar een boek maar wel naar zijn walk-man en zijn digitale camera want hij wil gaan fietsen en dan luistert hij terwijl hij trapt naar discusieprogramma’s op de radio en soms stopt hij langs de Vlaamse wegen om een foto te nemen van een schone boom of een raar huis zodat hij dat aan moeder kan tonen bij thuiskomst en dan heeft ze precies het zelfde ritje meegemaakt. Hij vindt zijn camera niet en verlaat mompelend zijn bureau en mijn moeder begint enthousiast te vertellen over hun reis naar Frankrijk, doch dat het jammer was van het weer want dat dat weer slecht was terwijl het in Belgie de voorbije weken zo prachtig was geweest. En dan vraagt ze hoe het gaat met de koloniaal en dan zeg ik dat ik hem ga roepen en dan zegt zij: “neen neen mijn haar is niet gekamt!”, en dan staat de koloniaal daar en dan is mijn moeder heel blij want ze kijkt graag naar de koloniaal. En dan zegt ze dat ze hem een T-shirt had willen kopen in “Le Palais Ideal” van Ferdinand Cheval maar dat ze alleen nog kleine maatjes hadden en ze dan maar eentje heeft gekocht voor Noah met wie ze volgende week maandag naar Plopsaland gaan en dat Noah heel hard uitkijkt naar die dag. En dan zegt de koloniaal saluut en tot de volgende keer en als hij weg is zegt ze dat ik toch wel een charmante man heb en dat ze begrijpt dat ik voor hem naar hier gekomen ben. En dan roept ze: “Wie is er daar??” En dan hoor ik in de verte een stem en dan roept moeder: “Kareltjen! Kareltjen, kom ne keer goeiendag zeggen tegen mijn dochter” en dan smeek ik: “neeeeeen ma, neeen ik heb daar nu geen zin in” en dan staat Kareltjen daar opeens en dan weet ik niet wat gezegd en dan gaat mijn moeder even weg en poog ik een gesprek met een van de buren en dan komt vader terug binnen met zijn fietsattributen ter hand en begint hij met Kareltjen te praten over de koers  en dan komt moeder terug binnen en en zegt ze  dat ze mij moet laten want dat ook nonkel stefan is binnengekomen en dat het trouwens tijd wordt dat ze aan de soep begint en dat het vandaag tomatensoep met balletjes is zoals meme kaprijke die vroeger maakte en dat ik er toch eens moet over nadenken om mijn haar te knippen en dat het nu al de derde sigaret is die ze me ziet roken tijdens ons gesprek en dat ik er moet mee stoppen want dat ik heel veel rimpels ga krijgen en kanker en andere ziekten en dat sigaretten stinken en dat ik mezelf om zeep help en dat dat heel heel dom van me is maar dat ik wel een schatje ben. Daaag tot de volgende keer. 

Altijd grappig, zo skypen met ma en pa.