Singajo's world

caesarion

Posted in Uncategorized by singajo on zaterdag, 6 juni, 2009

Het probleem met het nieuwe boek van tommy wieringa

is vooral dat het te snel uit is.

ik wou het langzaam tot mij nemen,

er weken van genieten 

maar dat lukte niet

tommy maakt me altijd leesgulzig

ik heb bijna twee jaar uitgekeken

gesmacht

naar zijn nieuwe boek

Caesarion is geen tweede Joe Speedboot

maar minstens even mooi

ik werd weer helamaal stil 

van tommy’s schrijverskunsten

en toen ik het boek

na twee marathon leessessies

dichtklapte

stonden al m’n  armhaartjes  recht.

Advertenties

Joe Speedboot

Posted in Uncategorized by singajo on zaterdag, 12 juli, 2008

Mijn vader is altijd mijn leesadviseur geweest. Hij verslindt boeken, leest er soms vijf tegelijk terwijl hij ondertussen ook nog naar de Tour de France kijkt met de koptelefoon op zijn hoofd waaruit de laatste nieuwsberichten in zijn hersenen stromen. Mijn vader moet dus wel beschikken over een geniaal brein. Al zeg ik het zelf. Iedere keer ik naar Lembeke ging, vroeg ik vader of hij nog een goed boek had gelezen en of ik dat dan kon lenen. Dan liep hij door zijn met papier volgestouwde bureau, keek naar de rekken en graaide er een boek uit dat mij misschien wel zou kunnen bekoren. Vorige zomer was dat Joe Speedboot van Tommy Wieringa. Joe Speedboot staat sindsdien in mijn top vijf van meest favoriete boeken ooit. 

Ik heb gesmeekt om het boek mee te nemen in mijn koffer. Het mocht op voorwaarde dat ik een lijstje doorstuurde met de door vader onderlijnde passages. Dat doet vader altijd. Misschien ook daarom dat ik graag de boeken lees uit zijn kast. Soms vraag ik me af waarom hij een bepaalde zin heeft aangekruist. Soms zijn het gewoon mooie zinnen, dikwijls waarheden waar ik me ook in vinden kan.

Zonet het Lijstje met de Joe Speedboot zinnen teruggevonden:

“Radio is de verdoving van de werkman”, zei Joe.

Potijk vergeleek de insluiting van Lomark met verstikking; dit had meer invloed dan een subtiele redenering.

Lomark moest een eigen op- en afrit krijgen, een luchtpijp, een geasfalteerde rokerslong.

Wij waren altijd op onze hoede, lazen de teksten en beoordeelden ze naar voordeel of gevaar; wij leefden met een nerveuze neus in de wind, om zo te zeggen.

Ze vormden een wonderlijk contrast, het meisje van de wereld en ma, dat grove monument van zorg en arbeid.

Ik wist dat niets onmogelijk zou zijn voor haar, ze kreeg wat ze wilde, niemand weerstaat schoonheid met een wil.

Pa was stil van ontreddering, ik zag mijn eigen schaamte weerspiegeld in zijn ogen, en zo stonden we elkaar aan te gapen in die Spiegelzaal van Pijnlijkheden.

Hij hield cheque en schaal vast als een inboorling een stofzuiger.

We keken naar elkaar en glimlachten als bejaarden om een gedeelde herinnering.

Opeens voelden we ons nogal misplaatst in het Hafenrestaurant, tussen die menigte buitenmaatschappelijke elementen uit een wereld die échter – want harder – leek dan de onze.

Je hoeft alleen maar te weten wat nodig is, meer niet. Te veel weten leidt tot angst en angst tot stilstand.

Het zijn de ploeteraars die je vertellen dat je iets niet kan als je er niet bent voor opgeleid, maar talent trekt zich daar niets van aan. Talent bouwt de motor, de ploeteraar vult de olie bij, zo zit het.

Ik begreep eigenlijk maar 1 ding en dat was dat ik een blind verlangen had naar de tijd vooooor die mededeling, toen de constructie van de wereld nog niet was ontwricht.

Er was een verband tussen die familie en dingen die uit de lucht kwamen vallen, of dat nu honden waren of verkeerd bezorgde duizendponders van de geallieerde luchtmacht.

Ze droegen uitzinnige outfits die op de kunstacademie doorgingen voor uitingen van hoogstindividuele smaak; dat ze daarin nogal op elkaar leken was onbelangrijk.

Nu Engel dood was, kwamen die meisjes naar Lomark en verbaasden zich over zijn provinciale wortels en over zijn vader die leek op een wielrenner uit het zwart-wit tijdperk.

 Ik vermoedde dat de meisjes die ik vandaag rond Engels graf had gezien op een dag allemaal in dat soort programma’s te horen zouden zijn, met de ernst van een kind dat voor het eerst naar zijn drol in de pot staart.

 Bovendien had Metz de transparante redeneertrant van het depressieve gelijk, en dat interesseerde me.

 Een gezond, slank lichaam met een uitgebalanceerde BMI is in de commerciële propaganda het enige vehikel voor positief zelfbewustzijn, vriendschappen met andere gezonde, aantrekkelijke individuen en zelfverwerkelijking in de professionele sfeer.

De hoop die Joe’s komst eens veroorzaakte is gedoofd, wij zijn weer wat we waren en altijd zullen zijn. Joe is een verlosser zonder belofte; hij heeft geen vooruitgang gebracht, alleen beweging.

Ze is lelijk opgedroogd, zoals we hier zeggen wanneer een vrouw niet mooi oud wordt. Dof is ze, vermorzeld door de liefde.

Orde en zekerheid, door de eeuwen heen de enige eis die de burgerij aan haar autoriteiten stelt. 

 Joe Speedboot is ondertussen ook in Singapore een kleine held. Ik duw het boek in iedere Nederlandstalige zijn strot.

En dan ontmoet je bij toeval iemand die het boek ook al gelezen heeft en wondermooi vond.

En alleen daarom al, wordt hij je vriend.

Lang leve Joe Speedboot!