Singajo's world

spinnen

Posted in filmpjes, Heimwee, personal by singajo on donderdag, 20 januari, 2011

meme kaprijke heeft me ooit de allermooiste trui gebreid
in kobaltblauwe agora wol, zo zacht als een echt konijn,
nog warmer als een kolenstoof en met lange haartjes

meme kaprijke breide truien en kousen voor de hele familie
verwoed zat ze met haar zak vol wol achter het raam in de voorstraat
ze keek naar buiten terwijl haar handen het automatisch deden

kousen die niet verslijten, truien die eeuwig blijven bestaan
en toch raakte mijn allerliefste blauw konijn helemaal uit model
omdat mijn grote broer een spin op mij had gezet
en ik helemaal hysterisch werd
doodsangsten
ik trok en sleurde aan die trui,
werd helemaal gek
tot mijn pronkstuk scheurde

als ik nu naar een spin kijk
denk ik nog steeds aan meme kaprijke’s mooiste trui,
aan mijn grote broer
en zijn jeugdige sadistische pesterijen

en dan word ik gewaar dat de realiteit is veranderd
want vroeger was ik bang voor spinnen
en nu vrezen spinnen mij

Advertenties

kijkend naar mijn moeder

Posted in Heimwee, Uncategorized by singajo on maandag, 28 september, 2009

mijn vader,
heeft foto’s naar me verzonden
van mama met haar lange haren
ze ziet er minder streng uit
en jonger
dan de laatste keer
dat ik haar voor het laast echt zag

heel mooi

ze zit heel statig
aan haar terras theetafeltje met bloempot op
en je kunt binnengluren
door het open raam
in de lege kamer
waar thomas vroeger sliep
en waar wij afscheid namen van meme kaprijke
die zo gelukkig was toen ze daar stierf
omdat ze eindelijk naar pepe kon
in hun hemel

*****

mama’s haren groeien snel
of is het dan echt zo lang geleden
die laatste echte keer?

Olifantenwijn

Posted in Heimwee by singajo on donderdag, 11 september, 2008

Ik ben een beetje tipsy en dat komt omdat we zonet een fles wijn hebben geledigd van superieure kwaliteit. Een fles die we hebben kunnen drinken dankzij onszelf want de druiven die er instaken, hadden we vorig jaar eigenhandig geplukt in de Franse Pyreneeën.

Ik proefde opnieuw die ochtend in de windkracht 8 bergen. De snijdende wind bij zonsopgang die ik als een ventilator op afstandsbediening wilde opdrijven toen de zon hoger ging staan en de vuurbol zorgde voor zwetend, afmattend labeur. Ik zag ons terug liggen tussen de druivenstruiken, uitgeteld met een zere rug na al die uren tussen de struiken. Hoe we vluchtten naar een wondermooie gorge voor een verfrissende duik. ik dacht terug aan vader die het onvoorstelbaar vond dat men in de Pyreneeën wijn kweekt van een keizerlijke kwaliteit. Ik wou dat ik hem  zonet had kunnen laten proeven van de druiven die ik in de fles had gestopt. Ik wou dat vader hier nu bij me zat met moeder erbij. Mijn moeder die ernstig en bezorgd van aard is, maar sigaren rookt als ze tipsy wordt. Uit nostalgie, omdat de geur haar doet denken aan haar jeugd, aan meme Kaprijke en haar sigarenwinkel. Als moeder een sigaar rookt ben ik altijd blij. Ik hou  van mensen die foute dingen doen en voor een gezondheidsfreak als moeder, die bijna een hart aanval krijgt als ze me virtueel ziet roken, is een sigaar verorberen het ultieme, verboden genot. Mijn moeder ziet er ongelooflijk mooi uit als ze rook uitblaast, haar neus in de walmen werpt. En lacht.  Als ze tipsy is. Mijn moeder had hier deze avond moeten zijn. Om mee te genieten van de olifantenwijn, terwijl vader bedenkelijk zijn mond zou spoelen, en zou zeggen dat hij al beter had geproefd. En moeder die dan verontwaardigd had gerepliceerd; “Jef een gekregen paard kijk je niet in de bek”. Of toch zoiets. Ik hou van vader. Ik hou van moeder. En als ik tipsy ben, zijn zij nostalgisch in mijner gedachten.   

De lachende zwijntjes

Posted in Heimwee, Uncategorized by singajo on woensdag, 27 augustus, 2008

 

Ze zegt me dat die zwijntjes niet lachten toen ze de foto maakte, “Ze schreeuwden het uit van angst! Amai die beesten kunnen nogal te keer gaan. Heb je al ooit een zwijn horen janken?”

Heb ik. Een slachtensklare zeug. Met het mes op de keel.

Ik zeg haar dat die zwijntjes wel lachen, omdat dat kietelt, zo een mensenhand. En omdat zij de vrouw die de zwijntjes vasthoudt in haar onnavolgbare stijl enthousiasmeert  voor op de foto. 

Zij doet me ook lachen, telkens ik haar hoor of zie. Ik mis mijn vriendin soms heel hard. Zo hard dat ik er niet van kan slapen. Dan sta ik op in het holst van de nacht en skype ik haar. Dan lachen we om de zwijntjes en vertellen we mannenpraat. Dan laat ze me haar nieuwe jurken zien en bespreken we de gemoedstoestand van onze gemeenschappelijke schrijversvriend met zijn proper kapsel. Onze eigen gemoedstoestand. Dan zwijgen we soms een poosje omdat er ondanks dat videobeeld een groot gemis is.

En toch, als ik haar gezien heb, keert de rust weder, val ik met een glimlach on my face in slaap. 

Lachende of huilende zwijntjes? ’t Doet er niet toe. Maar haar zie ik doodgraag. Dat wel.

Tagged with: , ,

Voor vader

Posted in Heimwee, Uncategorized by singajo on dinsdag, 10 juni, 2008

Liefste vader,

Ik heb u dit keer geen T-shirt laten bezorgen door meneer facteur op vadertjesdag. Maar speciaal voor u, met enige vertraging, het lied dat je zo graag zong na mijn wilde jaren zonder al te veel grote ongelukken. 

Kussen van uw nog steeds ijlende en liefhebbende dochter.

PS. Gewoon met uw muisknop op het driehoekje klikken en dan komt het vanzelf! 

Slik

Posted in Heimwee by singajo on maandag, 26 mei, 2008

De telefoon rinkelt 1 keer.

En dan, zoals wij het als kind ook hadden geleerd van ma en pa, doch ondertussen al lang niet meer praktiseren in de dagelijkse realiteit, zegt mijn neefje goedemorgen gevolgd door zijn voor- en achternaam en vraagt hij:

“Met wie spreek ik alstublieft?”

“Dag Noah”, begroet ik enthousiast.

“Dag”, antwoordt hij droog.

“Nootje? weet je niet wie ik ben?”

“Neen.”

“Je doet er om. Denk eens goed na.”

“Ik weet het niet.”

“Notebrood doe niet zo flauw.”

“Tante Joooo?!”

“Jaaaa. Wist je dat dan echt niet?”

“Neen. Ik ben je stem vergeten.”

Bloedworst met appelen

Posted in Heimwee by singajo on zondag, 6 april, 2008

’t Is toch wel wreed. Ik heb er al een dik jaar niet meer aan gedacht, dus ook geen zin in gehad, maar sinds mijn momenteel dolbarstensgelukkige vriendin me in een schrijven herinnerde aan het ‘luizige gangske’ in de Savaanstraat waar we destijds vol overgave appelen en bloedworsten stonden te bakken – en alle andere kotbewoners wegvluchtten voor de stank – denk ik aan niets anders. Zelfs nu, op een bloedhete zondagochtend heb ik goesting in van die bruingesuikerde aangebakken appelen in combinatie met een dikke bloedworst voorzien van knapperige korst. Man man, ik zou fortuinen geven om een weldadige portie naar binnen te werken. Nu.

Behalve de dolbarstensgelukkige vriendin, is er niemand met wie ik mijn liefde voor dit gerecht zo innig heb kunnen delen. We zouden van die zwarte saucissen hebben gegeten tot ze onze oren uitkwamen. Vooral platgeplet en gemengeld met een stroperig stuk appel toch wel mijn  favorietste  culinaire verblijding .

Ik begreep als kind absoluut niet waarom dit gerecht niet feestelijk is. Of oogt. Ik was woest op mijn moeder ten tijde van  mijn eerste communie omdat ze had beloofd dat ik het feestmenu mocht samenstellen en terugkrabbelde toen ik haar mijn wensen liet weten. Wensen waarover geen seconde was getwijfeld; eerst tomatensoep met balletjes van Unox en dan dus die pensen. Ik begon haast te huilen toen moeder zei dat we beter zouden opteren voor verse aspergesoep en konijn met pruimen.

Mijn communiedag was ik aldus in hongerstaking.

Nu denkend aan al die keren dat ik op winterse dagen bij ma en pa ging eten en zij steevast mijn lievelingsgerecht had klaar gemaakt + een extra portie die ik mocht meenemen en die ze zorgvuldig in een tuperwaredoos verpakte, zijn haar het konijn en de pruimen vergeven.

“Weet jij wel hoe bloedworsten worden gemaakt?”, vroeg er iemand al weet ik niet meer wie, maar beslist een aanhanger van mijn moeder en haar keuze voor konijn met pruimen.

“Zwijnenbloed, meisje, die worsten zitten vol bloed. En het omhulsel, dat zijn darmen. Varkensdarmen.”

“Ja, en dan?”

“Nou, dan begrijp je toch waarom er heel wat mensen huiveren bij de gedachte aan zulk een feestgerecht.”

Ik wou het niet begrijpen. Ik wou er niet bij stilstaan. Bij dat bloed. En die darmen. Ik wilde gewoon zwarte worst eten. Nog steeds.