De komst van de nageboorte
Ik heb het daar nog niet over gehad, maar mijn koloniaal heeft een zoon van twintig. Hij noemt hem trots “mijn nageboorte” en zijn nageboorte is onderweg naar ons dak. U zou dus kunnen stellen dat ik een soortement van stiefzoon heb, maar dat vind ik zo een lelijk woord en ik voel me geenszins een soort van surrogaatmoeder. Die heeft hij trouwens ook niet nodig. Lange tijd heeft de nageboorte bij z’n vader in Singapore gewoond, maar nu studeert hij al twee jaar in Gent. Toen ik de koloniaal pas kende en onze relatie vooral bestond uit stomende e-mails en vluchtige telefoonverlangens liep ik de nageboorte soms toevallig tegen het lijf. Hij wist dat ik het vriendinnetje van zijn vader was, mar stelde zich toch vragen bij de toekomstkansen die onze affaire had. Toen ik hem eens een lift gaf, kon ik me niet houden en zei dat ik ooit naar Singapore zou verhuizen. Hij zei: “mijn papa is wel nen heel slordigen hoor”. Na die woorden dwaalden zijn ogen door m’n auto; langs de volgestouwde asbak en de badeenden op het dashboard, langs de vogelkooi, over boeken en rondslingerende cd’s, langs plasticbekers met restanten van koffie, hij keek naar de kleren, naar de verfrommelde kranten en de weegschaal, hij zag de uitgeprinte wegbeschrijvingen en zeker drie paar laarzen en nog wat andere troep. Toen zei hij: “maar ja, dat vind jij misschien niet zo erg.”
We zijn bijna twee jaar verder. Ik woon nu anderhalf bij de koloniaal in Singapore. Ik heb opgeruimd als een zottin en een hoekje gecreëerd in ons nest waar de nageboorte zich hopelijk een maand lang thuis zal voelen. Nog twee uur en hij maakt kennis met ons dak. Ik kijk uit naar z’n komst en de koloniaal zonder twijfel nog meer.
Het is daar wel een komen en gaan in uw stulp. Veel plezier met de nieuwste bezoeker.
Was getekend
Leuk dat jullie zo’n goeie relatie hebben…
want dat is niet evident,
geniet ervan:-)