Singajo's world

Ocharme Fret

Posted in Uncategorized by singajo on woensdag, 30 april, 2008

Nog 1 keer slapen en dan vliegt Fret voor een korte break naar Gent en dan kunnen de koloniaal en ik weer naakt rondlopen door ons huis, dan kunnen we vrijen wanneer we willen en dan zullen we beslist ook een paar dagen voor 3 uur in de ochtend in ons bed liggen zweten na minder wijn dan de laatste dagen.

Fret woont hier nu. Help.

Hij huurde eigenlijk een kamer bij een Chinese Aunty  die alleen Chinees spreekt en getatoeeerde wenkbrauwen heeft en haar kartonnen-binnenmuren-huis volpropt met vrijgezellen van verschillende kleuren. Echt wel een maffe plaats in een slordige buurt van de stad. Die aunty was wel een vriendelijk mens maar ze zat altijd in haar velouren sofa naast de deur van Fret zijn kamer zonder ramen. Een donker hol met tl-lampen aan het plafond en van tijd tot tijd  zag je er al eens een kakkerlak oversteken. Als Fret ging slapen tussen de kartonnen muren sliep hij niet maar luisterde hij heler nachten naar de snurkconcerten van de gekleurde medebewoners, met vooral luide solo’s van zijn huisbazin die niet zelden  indommelde in haar sofa. Ze zat daar altijd, nooit kon Fret een meisje in zijn kamer smokkelen. Op een dag heeft er een onbekende Frets Calvin Klein onderbroek van de wasdraad gejat en toen was Fret het daar beu. Alles in acht genomen. Hij is op zoek gegaan naar iets anders en had dat anders gevonden een paar straten verder dan ons dak. Zo fier als een gieter was hij met zijn bebalkoneerde appartement. Tot hij er zondag wou intrekken. Hij stond daar met zijn stoel en vijf valiezen maar hij mocht niet binnen want er woonde iemand anders. Die iemand anders zuchtte toen ze zijn kale hoofd zag en zei dat Fret al de vijftiende was in drie dagen tijd die de plek kwam claimen. Ja, Fret had een huurcontract getekend maar zijn zogezegde huisbaas bleek een vroegere huurder te zijn die er nu vandoor is met 15 maanden huur want iedereen had hem dat als waarborg gegeven. Fret stond daar proper en had geen poot om op te staan en geen bed om in te slapen. Tuurlijk kon hij naar hier komen. Hij noemt me niet voor niks ‘maaaaa’. Komt zich hier doorgaans wekelijks volsteken met voedsel  zoals gulzige kotstudenten dat plegen te doen als ze in het weekend uitgehongerd op visite bij ma en pa gaan. Maar ook hier geen bed voor Fret. Hij kan kiezen tussen de hangmat of onze fake Louis quatorze zetel. Maar hij krijgt wel iedere dag ontbijt.

Sinds Fret hier woont zingt Iggy Pop van ’s ochtends vroeg door de boxen op ons terras en de hele straat mag het horen. Moet het horen. Fret loopt hier dan rond in een nieuwe Calvin Klein onderbroek en een blauwe helm op zijn hoofd en dan springt hij op mijn fiets en rijdt hij rondjes op het dak. Het is fijn, zo een Fret in huis, maar ook wel vermoeiend. Een week rust. En dan mag hij terugkomen in afwachting van een goed contract. 

Al heel lang zonder

Posted in Uncategorized by singajo on zondag, 27 april, 2008

Het is een hobby die ik jaren lang vol overgave heb gepractiseerd. Als een sport bijna. Een verslaving ook wel. Moeder heeft er nachten van wakker gelegen. “Jij drinkt toch ook iedere dag je sherry’tje”, verdedigde ik mezelf nadat ik had besloten niet langer leugenachtig te zijn over mijn groenconsumptie. Ze vond het geen vergelijk.

Mijn entourage was lichtelijk bezorgd toen ik naar hier vertrok. Een eiland met nultolerantie ten aanzien van verboden kruiden. Men dacht wellicht dat ik niet kon functioneren zonder een lichte roes in mijn hoofd en dat ik hier binnen de week tegen de lamp zou lopen. Alles dat verboden is vind je immers overal. En ik ben nogal sterk in het vinden van verboden vruchten.

Maar ik had andere plannen en zou voortaan door het leven gaan met een helder hoofd want 20 jaar plaatselijke nor staat nog niet op mijn verlanglijst des levens.

Het was een brute afkick. De eerste maand droomde ik een dubbelleven, werd ik badend in het angstzweet wakker na  afgrijselijke nachtmerries, afrekeningen met het verleden leken ze wel. Ik kende dat niet meer, die nachtelijke slaapavonturen, jaren zijn ze onderdrukt door de mist in mijn hoofd. En opeens waren ze terug, ongenadig, nacht na nacht.

Ik hunker bij momenten fel naar de zalige roes van een stevige petard. Al blijkt het leven ook  noodgedwongen prima zonder. En al moet ik toegeven dat een uitstap naar Holland hoog op de prioriteitenlijst staat van dingen-te-doen-als-ik-naar-Europa ga. Ik ben een ouwe vos, wat dat betreft. Sorry mams.

Maar hier waag ik er mij niet aan. Too risky. Vorige week zagen een paar Europeanen hun schone leven in de tropen aan duigen vallen. Met dank aan de kinderen. Die zestienjarigen waren naar een feestje geweest, een homeparty voor jong expatvolk. Het liep een beetje uit te hand toen twee jongens op elkaars gezicht begonnen slaan. De gastvader zegde: ”allemaal buiten, het is welletjes geweest.” Met 27 dropen ze af. En op straat zetten de twee driftkoppen hun vechtpartij verder. Een meisje raakte in paniek en belde de flikken. Die flikken dachten: er gebeurt eens iets en ze rukten uit met 26 wagens. De straat werd afgezet en alle 27 kindertjes  werden in de boeien geslagen. Het jolijt van de mannen in blauw uniform was groot toen ze bij een Zweedse tiener een zakje groen vonden. Iedereen mee naar het flikkenbureau. Allemaal in een potje plassen en gehandboeid achter tralies in afwachting van de testresultaten die de volgende middag bekend zouden zijn. De ouders werden niet verwittigd, hadden het raden naar de nachtelijke escapades van hun tieners. Een meisje heeft gesmeekt. “Toe, bel mijn mama, want ze is beslist keiongerust.” Om 8 uur in de ochtend heeft een vriendelijke agent haar verzoek ingewilligd. Hij zei het ook zo tegen de vrouw: “Omdat uw dochter er zo hard op aangedrongen heeft, bel ik u.” “Had u dat niet wat eerder kunnen doen?”, vroeg de verontwaardigde moeder. “Ik wilde u niet wakker maken”, zei de flik. “Denkt u dan dat ik lag te slapen?!”, blafte de vrouw. “Gaat u er vanuit dat ik het normaal vind dat mijn bijna zestienjarige dochter ’s nachts niet naar huis komt?” “Euh”, zei de flik.

Toen de moeder in het politiekantoor aankwam, zaten er onderttussen al meerdere ingelichte bange ouders. 23 kinderen konden uiteindelijk na een negatief plasje gaan. Maar 4 testten positief. Achter slot en grendel tot de zaak voorkomt. Een ding weten de ouders zeker: Singapore is voor hen over and out.

Alweer een verhaal dat me sterkt om dapper vol te houden zonder. 

Zwemritueel

Posted in Uncategorized by singajo on vrijdag, 25 april, 2008

Sinds eergisteren ben ik niet meer lui en sleep ik me iedere ochtend naar het Jalan Besar zwemcomplex alwaar ik in openlucht twintig baantjes trek wat overeenkomt met een dagelijkse afstand van 1000 meter. U moet weten, toen ik net in deze stad aangekomen was, deed ik dat iedere dag. We woonden toen nog om de hoek en ik slenterde er vers uit bed, halfdromend en in slaapjurk naartoe. Ideaal om wakker te worden. Ik vergaapte me toen nog aan de zwemstijl van menig Singaporees. Voelde dikwijls een drang om hen van de verdrinkingsdood te redden. Ze lijken soms echt te verzuipen maar bij nadere observatie bleek het om een mij onbekende zwemslag te gaan. Het heeft veel weg van schoolslag, maar bij iedere armbeweging laten ze zich haast zakken tot op de bodem van het bad, en dan komen ze, vijf centimeter in lengte vooruit en naar adem snakkend boven. Sommigen kunnen echt niet anders, maar het is mij na verloop van tijd ook duidelijk geworden dat ze de techniek somtijds aanwenden om onder water naar de andere zwemmende lijven te gluren. Ze gaan vooral onder als er een vrouwmens nadert en komen pas boven als ze hen is gepasseerd. Ze doen het zo opvallend dat het bijna kluchtig is. Al moet ik bekennen dat ik dikwijls op het punt heb gestaan om zo een door zijn zwembril gapende Chinees een serieuze doeft in zijn gezicht te verkopen. Maar al bij al ben ik ben een welopgevoed meisje en gebruik ik zelden geweld.

Maanden heb ik dat volgehouden, die dagelijkse kilometer, maar sinds we vier straten verder wonen was er een soortement van luiheid over me gevallen waardoor ik niet meer in het zwembad geraakte. Wellicht zit het gezellige dak waarop ik nu wakker word daar voor iets tussen. Ik sta op, maak een espresso en geniet van onze tropische plantentuin. Die ziet er iedere ochtend anders uit. Sinds kort ook met bedwelmend geurende bloemen aan de frangipanebomen, bloemen die goesting doen krijgen in taartjes van bij de banketbakker die vroeger naast pepe Maldegem en Bobonneke woonde.  En de gele-bloemen-klimplant zie ik letterlijk groeien. Als de zon fel brandt dan staan de bambou’s er ’s ochtens al halfdood bij, hunkerend naar water met hun blaadjes toegeplooid. Dan sproei ik de potten vol en kijk ik hoe die bladeren binnen de vijf minuten opnieuw felgroen kleuren en openvouwen. Ik denk dan veel; zie mij hier nu zitten op dat dak, verworden tot een fanatieke bloemenstaarster. Bloemenvoedster. Plantensnoeister. Vroeger was ik zelfs niet in staat een sanseveria in leven te houden.

Het zwemritueel heeft zich aldus, sinds drie dagen en na een maandenlange onderbreking verplaatst naar het after flower moment. En ik moet zeggen er is het een en ander veranderd wat betreft de bevolking van het waterbad.  Bijna geen Chinezen meer en totnogtoe geen enkele Indiër gespot.  Vooral expats, wat het akelige gevoel dat deze buurt aan het opwaarderen is  alleen maar bevestigt. De huurprijs van het huis waar we vroeger woonden is ondertussen trouwens meer dan verdubbeld. De huisbazen ruiken geld. Hebben door dat niet iedere buitenlander tuk is op condominiums, dat er mensen zijn die de exotiek van de buurt boven luxe en een privaat zwembad verkiezen.   

Anderzijds: veel Afrikanen in de strandbedden van het zwemcomplex. Ik denk zelfs dat ze er wonen, dat ze er slapen overdag en ’s nachts hun handel drijven in dubieuze pc’s en videocamera’s. 1 dollar per dag, van 7 in de ochtend tot 10 uur ’s avonds kunnen ze er uitrusten en douchen, toch veel goedkoper dan het cheapste hotel of de goedkoopste flat. Er is in de buurt  ook een invasie aan de gang van Afrikaanse medemensen.  Op de hoek schuin tegenover Mustafa’s is er een Afrikaanse foodstall waar ze allen samenhokken, sinds kort laten ze ook hun wulpse, goed van vlees voorziene vrouwen overvliegen en dat nieuwe, goedlachse  kleur in de stad is mooi om zien.

Misschien overdrijf ik wel met mijn gedachte aan hun strandbedwoonst, maar wat wel zeker is, is dat ze naar het zwembad gaan voor private rust. Want als ze een woonplaats huren, dan leven ze er dikwijls samen met meer dan dertig stuks.

Over de plaatselijks zwemstijl der Afrikanen kan ik u aldus niet berichten want ze liggen allemaal te ronken aan de rand van het water en worden zelfs niet wakker door het geschreeuw van de in de pyama verpakte kindertjes die gehuld in flanel leren zwemmen. Dat is ook iets waar ik me lange tijd aan  vergaapt heb, maar nu al zo doordeweeks vind dat ik tegenwoordig raar opkijk  als er een kind in zwembroek  in het  water springt. 

Indonesisch wascowoordenboek -les 21

Posted in Indonesisch wascowoordenboek by singajo on woensdag, 23 april, 2008

Tagged with: ,

Visbokalen

Posted in Uncategorized by singajo on woensdag, 23 april, 2008

Het is tien uur in de ochtend en smeltend warm. Mijn ogen zijn half toegeknepen door het felle, hete licht. Ik luister naar de geluiden van de stad. Het vertrouwde  fluitspel dat uit de tempel komt, de voorbij rijdende auto’s, het geluid van drilboren, slijpschijven en hamers, het gebroem van een nederdalend vliegtuig. Het geritsel van de palmboombladeren met dank aan het briesje wind.  Het geurt alweer naar gebakken noedels en geroosterd zwijnenvlees, naar ranzige curry’s en verse soep. Het ruikt hier altijd naar eten, het drilt hier altijd van de boren, het is hier meestal smeltend warm.

Ze staan hoog op de constructies, de donkere mannen die bouwen aan  luxueuze onderdaken. Visbokalen van 5 miljoen euro per unit. Pronkerige appartementen overgedesigned door Hong Kongers met een voorliefde voor slechte smaak. Die stulpjes zijn de natte droom van vele Singaporezen en ook van expats met overlopende bankrekeningen. Singapore staat bijna vol met van die concept condominiums. Als je er woont hoef je je ogen nooit meer toe te knijpen voor het felle, hete licht. Als je daar woont moet je niet meer buiten komen. Je kunt er shoppen en op restaurant gaan, fitnessen en uw nagels laten doen. Ik zeg maar wat. En zwemmen natuurlijk, al die condominiums zijn voorzien van zwembaden met palmbomen in het water, of mistfonteinen en jacuzzi’s. Het lijken luxueuze Club Med verblijven. En het gekke is: je ziet maar zelden een Chinees in zo’n zwembad. Allemaal show off.  Tonen hoeveel je waard bent, want iedereen weet dat ze stukken van mensen kosten, die sfeerloze voorgekauwde appartementen waar de aircon immer loeit. Steek mij in zo’n kot en ik ben zot na een week. Waarschijnlijk zou ik somtijds ook niet binnengeraken omdat ik de zeven-cijfer-code die toegang biedt tot de lift naar de 52ste verdieping vergeten ben. Of omdat ik  mijn duim verkeerd gepositioneerd onder de identiteitsdetector zou leggen waardoor de computerstem zou mededelen: “you are not allowed to enter this building”.

Toegegeven, het zicht op de stad vanuit een  penthouse-visbokaal van 5 miljoen euro is werkelijk impressionant maar je botst vooral toch op het interieur van de overburen als je willekeurig naar buitenkijkt. Ook dat speelt mee; “kijk dienen van rechttegenover ons raam heeft een plasma teevee van 2 meter op 3. Gaan wij er ons enen kopen van 3 op 4?”

En terwijl zij liggen slapen in hun ergonomische bedden met zijden lakens, liggen de donkere mannen die hun huizen bouwen met 30 op elkaar in schurftige beddorms aan de overkant van mijn straat.

Ik hou van mijn straat. Niets is hier show off. Alles is hier anti-artificieel. Maar voor hoe lang nog? Het geluid van de drilboren komt steeds dichter bij. Ooit wordt Singapore 1 groot condominium.   

Indonesisch wascowoordenboek – les 20

Posted in Indonesisch wascowoordenboek by singajo on zondag, 20 april, 2008

Tagged with: , , ,

Ladies in The Towers (fin)

Posted in Ladies in The Towers by singajo on zondag, 20 april, 2008

“Hou je van je werk?”, vraag ik. “Soms. Niet alle klanten zijn leuk. Maar ik bepaal zelf wel met wie ik meega en wat we doen.” Gina staat voor veel open: seks met 1, twee of drie mannen, met een man en een vrouw, met twee of drie ladyboys en een vent, noem maar op. Pijpen, kont- en kutneuken, likken, een dildo in haar kont– het kan allemaal. “Zefs kussen”, zegt ze trots.

Steven ziet mijn mijn verbouwereerde kop. “Jij ooit een ladyboy geprobeerd?” Hij wacht zelfs m’n antwoord niet af, “moet je echt eens doen. Een triootje, samen met je vriend. Je zult het fantastisch vinden. En je vriend zeker.”

Waarschijnlijk.

De airconmannen dalen de ladder af. “Job finished”, stuntelt de ene terwijl de andere het materiaal snel maar onhandig in de werkkoffer moffelt. Ze durven bijna niet opkijken en  spoeden zich naar buiten als ze de aircon aan hebben gezet.

Hoeveel een seksbeurt met Gina kost is een groot geheim. Het is zowat de enige vraag waar ze niet wil op antwoorden, zelfs niet als ik verzin dat ik een nachtje met haar in overweging neem. “Het varieert,” zegt ze , “soms vraag ik heel veel, soms vraag ik niets. Steven hoeft me niet te betalen, ik vind hem echt leuk en hij heeft me de sleutels van z’n appartement gegeven. Maar ik moet geld verdienen want ik ben niet van plan om dit m’n hele leven te doen. Nog hooguit twee, maximum drie jaar. Hopelijk heb ik tegen die tijd voldoende kunnen sparen om een eigen kapsalon te openen. Dat is nu mijn droom. Daarom ben ik vaak in Singapore voor een maand, ik kan helaas nooit langer blijven want ik ben hier met een toeristenvisum. The Towers zijn een ideale werkplek, ik vind er heel makkelijk klanten. Al is de markt bikkelhard. Natuurlijk vrijen de klanten liefst zonder condoom, maar dat doe ik nooit. Ook niet met Steven. Er zijn collega’s die het wel doen. Schandelijk.  Maar ze zijn zeer gegeerd. Bangkok is ook wel goed om te werken. Ik wissel af tussen de twee steden en tussendoor ga ik naar huis, naar mijn broers en vader die in Laos wonen.”

Achttien was Gina toen ze besloot om haar grote droom waar te maken, ze had toen nog een jongensnaam, maar ze heeft die naam uit haar geheugen gewist. In die tijd woonde ze nog in een Laotiaans dorpje bij haar vijf broers en vader. “Ik ben altijd Gina geweest, ik heb me altijd vrouw gevoeld en wou er ook zo uitzien. Ik ben naar Thailand getrokken want in Laos kan je niet terecht met zo’n wens. Twintig duizend dollar heeft het me tot nu toe gekost, ik heb er hard voor gewerkt, ben er voor in de prostitutie beland omdat seks goed opbrengt, maar niet genoeg want ik ben een lening aangegaan.  Na een hormonenkuur heb ik mezelf  borsten cadeau gedaan. Logisch. Borsten  zijn voor mij het sumuum van vrouwelijkheid. Daarna ging mijn neus onder het mes, die was veel te plat. De derde ingreep waren  m’n jukbeenderen.” Als ze het vertelt, streelt ze zacht over haar kaken. “Je vergeet iets”, zegt Steven en hij wrijft over haar kont. “Oh yes!”, giechelt Gina, “ik heb siliconen in m’n derriere, want ik hou van rond en vrouwelijk”. De verbouwingswerken namen twee jaar in beslag en Gina is na al die jaren – ze is ondertussen 31- nog steeds fier over het resultaat.  

Uiteraard was vader triest toen zijn jongste zoon besloot om vrouw te worden. “Maar zijn verdriet heeft niet lang geduurd, hij heeft een prachtige dochter in de plaats gekregen”, antwoordt Steven in haar plaats. Papa heeft er zich dus bij neergelegd, al speelt het feit dat Gina van tijd tot tijd zijn rekeningen betaalt ongetwijfeld mee. Geld maakt alles goed. Zeker in Azië. En hoe dat geld wordt verdiend: daar vraagt men niet naar. “En je moeder, wat vond zij er van?”. “Mama heeft me nooit gezien zo. Ze is gestorven lange tijd voor ik de stap heb gezet. Maar ze wist wel dat ik anders was dan haar andere zoons. Ik was haar meisje. Ik mis mams,” snottert ze. “Haar dood is mijn groot verdriet.”

“Sommige mannen voelen zich aangetrokken tot ladyboys omdat ze denken: she looks like a woman but thinks like a man”, onderbreekt Steven bruut. “Niets is minder waar. Ladyboys denken echt zoals vrouwen, misschien ziet het er soms wat theatraal uit, maar ze zijn werkelijk dames, veel oprechter dikwijls dan een echte vrouw.”

“Ben jij ook verliefd op Steven?”. Haar hoofd schudt overtuigd ‘Neen’, haar tranen zijn ondertussen opgeborgen. “We zijn maatjes. Ik wil niet meer verliefd worden. Dat eindigt altijd in pijn. Als je verliefd bent is er altijd angst om te verliezen. Ik wil geen angst. Ik wil niets verliezen. Twee keer heb ik mijn hart gegeven, de conclusie is;  nooit meer.”

“Ik denk dat het stilaan tijd wordt…”, mompelt Steven geirriteerd terwijl hij naar de kitcherige wandklok kijkt. “Oh my god! I really have to prepare”, en Gina veert recht, excuseert zich omdat ze dringend naar de badkamer moet. Voor een dik uur toch wel. En dan zal ze opnieuw klaar zijn voor haar jacht in Orchard Towers.

“My baby”, fluistert Steven triest  als hij zijn ‘Geegee’ ziet verdwijnen.

Tagged with: , ,

Ladies in The Towers (4)

Posted in Ladies in The Towers by singajo on vrijdag, 18 april, 2008

Bel nooit een ladyboy hooker voor drie uur in de namiddag. Want dan slapen ze nog, zijn ze nog half dronken of gedrogeerd. Ze weten niet waarover je het hebt als je hen iets vraagt. Ze weten niet wie je bent. Ze weten niet waar ze zijn. De ontgoocheling was groot toen ik Gina aan de lijn kreeg. Ik dacht dat ik verkeerd verbonden was. Ze leek zich niets van ons afspraakje te herinneren. “Who are you?”, had ze gemompeld en toen haakte ze in. Om half vier belt zij mij, helemaal terug in haar rol en in de wereld, alsof mijn telefoontje er nooit was geweest. Zo raar. “Hi, how are you? Shall we meet today?”

 

Een uur later zit ze me op te wachten aan de fontein van de gloednieuwe serviceflat waar haar Australische vriendje woont en zij onderdak krijgt als ze in Singapore verblijft. Ze zit in een elegante fotoshoot-pose, maar ze ziet er helemaal anders uit dan tijdens de nacht. Geen make-up, een strakke jeans, een spannend t-shirt en slippers. Nu zie ik ook donkere, zachte haarbegroeiing boven haar mond, nu zie ik ook dat haar borsten bovenmatig groot zijn. Nu zie ik vooral: dit is eigenlijk een vent.

Als we in de lift staan, vertelt ze dat haar vriend thuis is. Dat mijn nieuwsgierigheid hem erg nieuwsgierig heeft gemaakt. En er is nog meer volk in het chique appartement: twee Chinezen repareren de aircon. Ze staan hoog op een ladder waar ik onderdoor moet voor ik met klamme handen in de lederen fauteuil plaatsneem.

Steven schenkt me een glas wijn in. Hij heeft het uiterlijk van  een knappe, stijlvolle veertiger en hij lijkt stapel op Gina met haar plastic borsten en aarzelende snor. Het is  vreemd om zien. Je zou  hem eerder koppelen aan een Sharon Stone-achig type. Aan een echte vrouw in ieder geval.  “Look at her, isn’t she lovely”, en hij streelt door haar haren, wrijft over haar kont. 

De zakenman heeft een openlijke voorkeur voor ladyboys. “Zelfs mijn moeder weet het”, zegt hij overtuigd. Eigenlijk heeft hij vooral een voorkeur voor neptieten, daar is hij al lang mee vertrouwd want ooit was Steven getrouwd met een vrouw en ook zij had er een paar. Hij vindt het fantastisch dat neptieten rechtop blijven staan als er een vrouw (of wat dan ook) op hem gaat zitten. “Echte borsten hangen dan beetje”, zegt hij neerbuigend. “En echt waar, de kwaliteit van de siliconen is er danig op vooruitgegaan. Tegenwoordig voelen ze zachter aan. Een beetje zoals echte borsten.” Al die informatie krijg ik in mijn gezicht gegooid, alsof hij me wil zeggen: ‘waar wacht je eigenlijk nog op’. Gina steekt promt haar boezem van 6000 dollar vooruit. Ze heeft hem in Bangkok aangeschaft. Steven duwt er zijn neus even in. De Chinezen verliezen  hun aandacht voor de aircon en gluren naar het tafereel.

“Dus u heeft het meer voor ladyboys dan voor vrouwen?” “Zeker,” zegt Steven terwijl hij een Marlboro opsteekt.  En vooral als ze half zijn, zoals Gina.”

“Half?”

“Met penis”, lacht Gina. “Ik ben er nog niet uit of ik me ooit helemaal ga ombouwen. Er zijn veel mannen die houden van half. En ik vind mezelf prima zo.”

“Eigenlijk is Gina een avontuurtje”, bekent Steven, “en heb ik al drie jaar een relatie met Rosie, een Filippijnse ladyboy.”

“Ah zo”, zeg ik achteloos terwijl ik in mezelf uitschreeuw: behou je cool – begin vooral niet te lachen nu.

“En? Is Rosie half?”

“No, she has a pussy. She’s my lady. Al m’n collega’s kennen haar, ik neem haar mee naar bedrijfsfeestjes en soms op zakenreis.”

Hij aarzelt. “Het doe me pijn dat ik Gina moet verstoppen. Ladyboys haten dat, want dan denken ze dat je schaamte voelt om met hen buiten te komen. Gina is een trotse vrouw, ik zou graag met haar pronken, maar ik heb een hechte relatie met Rosie. Het ligt helemaal niet in mijn aard om m’n partner te bedriegen. Ik wil eerst weten of dit hier echte liefde is. Mijn gevoelens voor Geegee nemen met de dag toe. Ze is zo lief. Ze poetst iedere dag m’n appartement. Rosie is nogal heftig en erg passioneel, ze is ook een stuk jonger en heeft dromen die ik soms niet volgen kan. Weet je, ik word ouder en wil gewoon een liefdevolle, stabiele en rustige relatie. Gina is heel matuur maar ze wil haar job niet voor me opgeven. Nu toch nog niet. En het doet me iedere avond opnieuw pijn als ik haar de deur zie uitgaan, sexy en speels. Voor ze bij mij in bed komt liggen, hebben er doorgaans al een stuk of drie andere mannen aan mijn liefje geprutst”, zucht hij. Gina trekt haar schouders op en glimlacht.

(wordt vervolgd)

Indonesisch wascowoordenboek – les 19

Posted in Indonesisch wascowoordenboek by singajo on vrijdag, 18 april, 2008

Ladies in The Towers (3)

Posted in Ladies in The Towers by singajo on donderdag, 17 april, 2008

Toen ik de eerste keer in The Towers kwam, was ze me meteen opgevallen. Gina. Misschien wel omdat ze ondanks haar glamour uiterlijk een soort tristesse uitstraalde. Ik had haar al een aantal keer geobserveerd en  ze was een meesteres in het verleiden. Nu ook weer. Als ze Crazy Horse binnenstapt zijn alle ogen  op haar gericht, ze kijkt geraffineerd verlegen naar mogelijke prooien en kiest meteen raak. Amper 10 minuten duurt het, vooraleer ze met een klant aan de arm naar buiten wandelt. Tijdens die tien minuten heb ik haar nummer gevraagd. En of ze eens wou praten over zichzelf. “Nu niet. Ik moet werken. Bel me morgen”, had ze in gebrekkig Engels gezegd.

Om de een of andere duistere reden heeft het me altijd gefascineerd: neptieten. In bikini verpakt stralen ze  doorgaans hevige seks uit, vind ik. Een tikkeltje te hard gespannen, dat natuurlijk ook wel. Alsof ze ieder moment uiteen kunnen spatten. Nu komt er daar in die keet toch wel een shemale naast me staan met een balkon om ‘U’ tegen te zeggen. En zoals de meeste ladyboys is Yasmin, zo noemt de dame,  overduidelijk heel trots op haar vrouwenlijf. Ze blijft rond onze bartafel flaneren, handen in de zij en draaiend met haar kont. Gebiologeerd staar ik naar haar boezem en mijn fascinatie bevalt haar duidelijk, Yasmin steekt haar borsten zelfs nog een beetje meer vooruit.

“Can I touch them?”, floep – voor ik  het goed en wel besef is het eruit, ik wil al lang  weten hoe dat aanvoelt, zo een artificiele tiet, nog nooit is de gelegenheid daartoe zo groot geweest en voor ik de tijd heb verlegen te worden trekt ze  haar jurk tot onder haar rechtopstaande borsten, neemt ze m’n hand  en samen  wrijven we over de siliconen. Amai, mijn moeder zou het moeten zien…

Wat ik nu als ervaringsdeskundige meer weet, is dat ze nogal plastiekerig aanvoelen en veel, veel te hard zijn,  met een duizelingwekkende veerkracht ook wel.

Voor ik goed en wel bekomen ben van deze experiëntie  duwt Yasmin m’n hand op haar nieuwe en strak gespannen poes. Stel u dat voor! Ze zijn echt wel schroomloos, die would be meisjes… Ik sta perplex en ben opgelucht omdat ze m’n hand toch boven haar minijurkje houdt. Er zijn, jawel en toch wel, grenzen aan mijn nieuwsgierigheid.

 Als we in de taxi zitten op weg naar huis vertelt m’n vriendin gedetaileerd aan “Uncle driver” over onze avond tussen de hoeren. En over de kwaliteiten van fake pussy’s en plasic tits. We gieren het uit, de driver niet in het minst. “Maybe I have to try one too”, lacht hij.

(wordt vervolgd)