het handdoekmeisje

soms kan ik me op heel korte tijd aan iets onbenulligs hechten
ik had er een sjaal ingezien na onze avondzwem bij “the land of the Norwegian”,
‘s nachs was hij m’n deken terwijl ik woelde op de in plastic verpakte matras,
en tegen dat het ochtend werd, wou ik hem houden -meenemen – koesteren
“ge geeft zestig duizend rupiah aan de receptioniste en ge zult hem wel mogen houden
maar zoudt ge dat wel doen? koop toch een nieuwe handdoek, ge gaat toch die ouwe handdoek niet meenemen”
de receptioniste begreep het eerst niet, maar zei toen dat het niet kon,
haar baas zou kwaad zijn – ze werd bijgetreden door een kuisvrouw en een schreeuwwijf
terwijl er vanuit de blauwe luilakzetel drie rokende mannen meeluisterden
en zo vertrok ik handdoektriest uit het Sun Ling hotel
we dronken nog een kopi in de bar waar we nooit mogen betalen,
er is ons daar altijd wel iemand geniepig voor
- nu weer een man met een moustache uit een western film
die me uiteindelijk zei dat hij ons al gezien had.
Months ago in dabosingkep.Alsof we daarom een prijs verdienden, trakteerde hij kopi.
En opeens was zij daar, de receptioniste achterop het brommertje van haar partner in crime.
Ze riep me, beval me mijn rugzak open te maken,
ze propte er een plastic pakje in,
“Don’t show anybody. Gift from me.”
en zo werd zij het handdoekmeisje
en kan ik hem nauwelijks koesteren
als herinnering aan de zielige kamer
omdat hij het is om wie we bedvechten
en de koloniaal wint meestal tot altijd

terug naar de evenaar

morgen gaan we terug naar de evenaar
kijken of de koloniaal
zijn zelfgemaakte markering
er nog hangt
op point zero zero zero
en daarna trekken we naar aller john
met wie we champagne zullen drinken
ter ere van onze eerste huwelijksmaand
ik vertrek op bootreis en ik neem mee
1. mijn paspoort
2. de koloniaal
3. 1 boek
4. een beetje geld
5. een fles champagne
glazen en de rest kopen we daar
hartelijke groeten
en tot in het jaar van de draak.
natte straten

we hebben onze grasgroene muur grijs geschilderd ter ere van het schilderij
een triestig vlaams regenlandschap, bijeengeborsteld door onze vriend Bul
het hing vroeger aan zijn eigen salonmuur en ik mocht er graag naar kijken
omdat het me deed denken aan de tijd dat ik zelf nog iedere dag
over de duistere, natte straten naar brussel vroemde,
voor alweer een on-spannende dag @ the office
nu kijk ik ernaar vanaf m’n zonovergoten bureau
en neen, ik heb geen heimwee
maar wel heel blij met dit stukje belgie op ons dak
de bus

hij was een noodoplossing
omdat het cafeetje veel te klein zou zijn
hij stond scheef
en zo voelde iedereen zich al tipsy voor het eerste glas
hij was fantastisch
en veel beter dan een rodekruistent





reageer